De pensioensituatie van Anja
Wie is Anja?
Anja is 55 jaar en werkt als HR-directeur bij een grote zorgorganisatie. Zij verdient € 135.000 per jaar en bouwt via haar werkgever pensioen op. Wanneer Anja met pensioen gaat, verwacht zij ongeveer € 45.000 per jaar aan pensioen, inclusief AOW. Dat is zo’n € 3.750 per maand. Voor Anja zou dat een duidelijke stap terug zijn in haar bestedingsruimte. Zij wil later niet alleen haar vaste lasten kunnen betalen, maar ook ruimte houden voor reizen, tegenvallers en leuke dingen. Daarom wil zij onderzoeken wat zij nu moet doen om later ongeveer € 1.000 netto per maand extra te hebben.
Om later € 1.000 netto per maand extra te ontvangen, is ongeveer € 240.000 netto kapitaal nodig. Wij rekenden uit wat voordeliger is: opbouwen via pensioenbeleggen of via een gewone beleggingsrekening?
In het kort: wat is in de situatie van Anja voordeliger?
Voor Anja is pensioenbeleggen in deze situatie voordeliger dan beleggen in box 3. Om later € 1.000 netto per maand extra te krijgen, moet zij met pensioenbeleggen nu ongeveer € 1.352 netto per maand inleggen. Via een gewone beleggingsrekening is dat € 1.434 netto per maand. Pensioenbeleggen is in dit voorbeeld dus € 82 per maand voordeliger.
Dat verschil ontstaat vooral door de belastingregels en het moment waarop belasting wordt betaald. Bij pensioenbeleggen mag Anja haar inleg aftrekken van haar inkomen in box 1, zolang die binnen haar jaarruimte past. Daardoor is haar netto inleg nu lager. Tijdens de opbouw telt dit vermogen bovendien niet mee in box 3. Later betaalt zij wel inkomstenbelasting over de uitkeringen. Bij beleggen in box 3 krijgt Anja geen belastingaftrek. Haar inleg komt dan volledig uit haar netto-inkomen. Daarnaast moet Anja tussentijds vermogensrendementsheffing betalen in box 3. Die verlaagt het effectieve rendement van de beleggingsrekening. Het geld blijft wel vrij beschikbaar.
Optie 1: Pensioenbeleggen
Optie 2: Via een beleggingsrekening
Belegt Anja via een gewone beleggingsrekening, dan krijgt zij geen belastingaftrek. Voor hetzelfde doel moet zij € 1.434 netto per maand inleggen.
Het geld blijft flexibel beschikbaar. Vermogensrendementsheffing wordt betaald vanuit het geld op de beleggingsrekening. Hierdoor wordt het effectieve rendement van de beleggingsrekening verminderd van 4,30% per jaar naar zo’n 2,13% per jaar. Omdat het verwachte nettorendement lager is, moet Anja een hogere maandelijkse inleg doen om hetzelfde doel te bereiken.
Waar zit het verschil?
Het verschil zit vooral in de timing van belasting en in het effect van box 3-heffing tijdens de opbouw. Bij pensioenbeleggen krijgt Anja nu belastingvoordeel via box 1, maar betaalt zij later mogelijk tegen een lager tarief inkomstenbelasting over de uitkeringen. Bij beleggen in box 3 krijgt zij nu geen aftrek. Daarnaast moet Anja óók vermogensrendementsheffing betalen. Daardoor daalt het effectieve rendement in box 3 en is een hogere netto inleg nodig om hetzelfde doel te bereiken.
| Pensioenbeleggen | Beleggen via een beleggingsrekening | |
|---|---|---|
| Doel | € 1.000 netto per maand | € 1.000 netto per maand |
| Benodigd kaptiaal op pensioendatum | Circa € 240.000 | Circa € 240.000 |
| Effectief rendement tijdens opbouw | 4,30% per jaar | 2,13% per jaar |
| Netto inleg per maand | € 1.352 | € 1.434 |
| Verschil per maand | Het is € 82 per maand voordeliger om te pensioenbeleggen | |
| Belastingvoordeel nu | Ja, aftrek in box 1 binnen jaarruimte | Nee |
| Belast tijdens opbouw | Nee | Ja, in dit voorbeeld is box 3-heffing verwerkt als lager effectief rendement |
| Geld tussentijds opnemen | Nee, geld staat vast tot uw AOW-leeftijd* | Ja, vrij beschikbaar |
| Belast bij uitkering | Ja, u betaalt inkomstenbelasting over de uitkeringen | Nee, niet bij uitkering; wel mogelijk jaarlijks box 3-heffing tijdens de opbouw |
*Het is mogelijk om de waarde eerder op te nemen van de pensioenrekening door de waarde af te kopen. Daar zitten fiscale gevolgen aan.
De Dikke Disclaimer: Dit is geen advies. Dit is een rekenvoorbeeld op basis van vaste aannames: een leeftijd van 55 jaar, een inkomen van € 135.000, een verwacht pensioeninkomen van € 45.000, een gewenste netto aanvulling van € 1.000 per maand, een verwacht rendement van 4,30% per jaar en de manier waarop vermogen wordt opgebouwd. Voor pensioenbeleggen is ervan uitgegaan dat er fiscale ruimte is om in te leggen in box 1. In dit voorbeeld is ervan uitgegaan dat box 3-vermogensrendementsheffing wordt betaald vanuit het geld op de beleggingsrekening. Daardoor daalt het effectieve rendement van beleggen in box 3 naar 2,1256% per jaar. De uitkomst is indicatief. De werkelijke situatie kan anders uitpakken, bijvoorbeeld door veranderingen in rendement, kosten, belastingregels of persoonlijke situatie. Beleggen brengt risico’s met zich mee. U kunt (een deel van) uw inleg verliezen. Deze informatie is algemeen en geen financieel, fiscaal of juridisch advies.
Spelregels
Pensioenbeleggen kent fiscale voordelen, maar ook duidelijke spelregels.Voordelen
- Jaarruimte verrekenen bij belastingaangifte tegen huidige box 1-tarief. Hierdoor kunt u tussen de 35,75% en 49,50% verrekenen met uw belastbaar inkomen.
- Gericht pensioen opbouwen. U kunt het geld niet zomaar opnemen, waardoor de verleiding om het tussentijds uit te geven minder groot is.
- Vrijgesteld van vermogensbelasting in box 3.
Nadelen
- U betaalt later bij de uitkering wel inkomstenbelasting. Maar mogelijk tegen een lager box 1-tarief, omdat het belastingpercentage in de eerste belastingschijf lager is voor AOW’ers.
- Niet onbeperkt storten, jaar- en reserveringsruimte zijn gelimiteerd. Beiden zijn afhankelijk van uw inkomen, pensioenopbouw in de tweede pijler en hoeveel u in een jaar al heeft gestort.
- Geld staat vast tot pensionering. U moet later een lijfrente-uitkering aankopen die gebonden is aan bepaalde regels. U kunt het geld niet zomaar opnemen.
Benieuwd wat dit in uw situatie kan betekenen? Met een Persoonlijk Pensioenplan krijgt u een grondige analyse van uw pensioen en bespreken we samen met u (en eventueel uw partner) de uitkomst.
