Opbouwen via een
pensioenrekening
of een beleggingsrekening?
Daan wil graag weten of hij beter zijn pensioen kan opbouwen via een pensioenrekening of een beleggingsrekening. Wij rekenden het voor hem uit.
Daan is 30 jaar en werkt als data-analist. Hij verdient € 55.000 per jaar en bouwt via zijn werkgever een bescheiden pensioen op. Wanneer Daan op zijn 68e met pensioen gaat, verwacht hij ongeveer € 25.000 per jaar aan pensioen, inclusief AOW. Dat is zo’n € 2.080 per maand. Daan wil later niet alleen zijn vaste lasten kunnen betalen, maar ook ruimte houden voor tegenvallers en leuke dingen. Daarom wil hij onderzoeken wat hij nu moet doen om later ongeveer € 500 netto per maand extra te hebben.
Om later € 500 netto per maand extra te ontvangen, is ongeveer € 120.000 netto kapitaal nodig. Wij rekenden uit wat voordeliger is: opbouwen via pensioenbeleggen of via een gewone beleggingsrekening?
We rekenen met een verwacht rendement van 4,30% per jaar, passend bij een neutraal beleggingsprofiel. Eventuele vermogensbelasting in box 3 betaalt Daan met zijn spaargeld.
In het kort: Wat is in Daan zijn situatie voordeliger?
Voor Daan is pensioenbeleggen op dit moment voordeliger dan beleggen in box 3. Om later € 500 netto per maand extra te krijgen, moet hij met pensioenbeleggen nu ongeveer € 77 netto per maand inleggen. Met een beleggingsrekening is dat € 109 netto per maand. Pensioenbeleggen is in dit voorbeeld dus € 32 per maand goedkoper.
Dat verschil ontstaat vooral door de belastingregels. Bij pensioenbeleggen mag Daan zijn inleg aftrekken van zijn inkomen in box 1, zolang die binnen zijn jaarruimte past. Daardoor is zijn netto inleg lager. Tijdens de opbouw telt dit vermogen bovendien niet mee in box 3. Later betaalt hij wel inkomstenbelasting over de uitkeringen. Bij gewoon beleggen krijgt hij geen belastingaftrek. Zijn inleg komt dan volledig uit zijn netto-inkomen. Het geld blijft wel vrij beschikbaar.
Optie 1: Pensioenbeleggen
Optie 2: Via een beleggingsrekening
Belegt Daan via een beleggingsrekening, dan krijgt hij geen belastingaftrek. Maar hij kan wel altijd vrij bij zijn geld komen. Dat kan niet bij pensioenbeleggen.
Voor hetzelfde doel moet Daan € 109 netto per maand inleggen. Wanneer zijn totale box 3-vermogen boven het heffingsvrij vermogen uitkomt, betaalt hij dit met zijn spaargeld.
Waar zit het verschil?
Het verschil zit vooral in de belasting. Bij pensioenbeleggen mag Daan zijn inleg aftrekken van zijn belastbaar inkomen. Daardoor krijgt hij een deel van zijn inleg terug via zijn belastingaangifte. Bovendien kan een lager belastbaar inkomen zorgen voor iets meer heffingskorting. Daarom is een bruto inleg van € 129 voor hem netto maar ongeveer € 77 per maand. Bij gewoon beleggen in box 3 krijgt Daan dat belastingvoordeel niet. Daar legt hij dus volledig uit zijn netto-inkomen in: €109 per maand. Pensioenbeleggen is in deze situatie daarom € 32 per maand goedkoper, ongeveer 29%.
| Pensioenbeleggen | Beleggen via een beleggingsrekening | |
|---|---|---|
| Doel | € 500 netto per maand | € 500 netto per maand |
| Benodigd kaptiaal op pensioendatum | Circa € 120.000 | Circa € 120.000 |
| Netto inleg per maand | € 77 | € 109 |
| Verschil per maand | Het is € 32 per maand goedkoper om te pensioenbeleggen, dat is een verschil van zo'n 29% | |
| Belastingvoordeel nu | Ja, aftrek in box 1 binnen jaarruimte | Nee |
| Belast tijdens opbouw | Nee | Ja, als uw box 3-vermogen boven het heffingsvrij vermogen uitkomt |
| Geld tussentijds opnemen | Nee, geld staat vast tot uw AOW-leeftijd* | Ja, vrij beschikbaar om op te nemen |
| Belast bij uitkering | Ja, u betaalt inkomstenbelasting over de uitkeringen | Nee, niet bij uitkering; wel mogelijk jaarlijks box 3-belasting tijdens de opbouw |
*Het is mogelijk om de waarde eerder op te nemen van de pensioenrekening door de waarde af te kopen. Daar zitten fiscale gevolgen aan.
De Dikke Disclaimer: Dit is geen advies. Dit is een rekenvoorbeeld op basis van vaste aannames: een leeftijd van 30 jaar, een AOW-leeftijd van 68 jaar, een inkomen van € 55.000, een verwacht pensioeninkomen van € 25.000, een gewenste netto aanvulling van € 500 per maand, een verwacht rendement van 4,30% per jaar en de manier waarop vermogen wordt opgebouwd. Voor pensioenbeleggen is ervan uitgegaan dat er fiscale ruimte is om in te leggen in box 1. In dit voorbeeld is ervan uitgegaan dat box 3-vermogensrendementsheffing wordt betaald vanuit het spaargeld. De uitkomst is indicatief. De werkelijke situatie kan anders uitpakken, bijvoorbeeld door veranderingen in rendement, kosten, belastingregels of persoonlijke situatie. Beleggen brengt risico’s met zich mee. U kunt (een deel van) uw inleg verliezen.
Spelregels
Pensioenbeleggen kent fiscale voordelen, maar ook duidelijke spelregels.
| Voordeel | Nadeel |
|---|---|
| Jaarruimte verrekenen bij belastingaangifte tegen huidige box 1-tarief. Hierdoor kunt u tussen de 35,75% en 49,50% verrekenen met uw belastbaar inkomen. | U betaalt later bij de uitkering wel inkomstenbelasting. Maar mogelijk tegen een lager box 1-tarief, omdat het belastingpercentage in de eerste belastingschijf lager is voor AOW’ers. |
| Gericht pensioen opbouwen. U kunt het geld niet zomaar opnemen, waardoor de verleiding om het tussentijds uit te geven minder groot is. | Niet onbeperkt storten, jaar- en reserveringsruimte zijn gelimiteerd. Beiden zijn afhankelijk van uw inkomen, pensioenopbouw in de tweede pijler en hoeveel u in een jaar al heeft gestort. |
| Vrijgesteld van vermogensbelasting in box 3. | Geld staat vast tot pensionering. U moet later een lijfrente-uitkering aankopen die gebonden is aan bepaalde regels. U kunt het geld niet zomaar opnemen. |
Benieuwd wat dit in uw situatie kan betekenen? Met een Persoonlijk Pensioenplan krijgt u een grondige analyse van uw pensioen en bespreken we samen met u (en eventueel uw partner) de uitkomst.
