apple blue

5 redenen om geen pensioen te regelen

Ken je ze al? Redenen om niet aan pensioen te doen?

We horen ze regelmatig als we met ondernemers, HR professionals of CEO’s praten over een pensioenregeling voor hun werknemers. We snappen het ook wel. Uit de vele vooroordelen is het imago van pensioen niet al te best. Toch zijn deze vooroordelen vaak zeer subjectief en vaak niet op waarheid gebaseerd. Hieronder nemen we de redenen om niet aan pensioen te doen onder de loep. We beginnen met de reden die we het vaakste horen…

1. “Een pensioenregeling is te duur voor ons”

De kosten, die had je zelf vast al bedacht.

Iemand met een modaal inkomen heeft op pensioendatum ongeveer € 400.000 nodig voor een levenslang pensioen van 70% van het gemiddeld bruto inkomen. Daarbij is de AOW-uitkering inbegrepen. Dit is naar Nederlandse begrippen een goed pensioen. Dit kan een flinke kostenpost zijn als je dit als werkgever voor je rekening neemt. Gelukkig is er een schaalbare en flexibele oplossing waarbij werknemers zelf vrijwillig extra inleggen voor hun pensioen.

Deze oplossing is vooral populair bij start- en scale ups. Zo’n pensioen is al mogelijk vanaf een werkgeverbijdrage van 1% van de salarissom. Dan ga je wel echt voor ‘the bare minimum’. Werknemers bepalen vervolgens zelf hoeveel ze daarbovenop inleggen vanuit hun bruto salaris. Zowel de werkgever als de werknemers worden hierbij ook nog eens geholpen door de Belastingdienst. Een pensioenregeling kan zelfs kostenneutraal zijn. Dit komt doordat je als werkgever bespaart op sociale werkgeverslasten. Weten hoeveel een bedrijfspensioen zou kosten voor jouw start- of scale-up?

Hoeveel moet ik inleggen?
Voor een goed pensioen moet natuurlijk meer worden ingelegd dan 1% van het salaris. Ter vergelijking: de gemiddelde Nederlander die is aangesloten bij een verplicht pensioenfonds betaalt ongeveer 13,5% van het salaris aan pensioenpremie. De werkgever betaalt meestal zo’n twee-derde hiervan. Dit is inclusief alle kosten, het nabestaandenpensioen en de premiedoorbetaling bij arbeidsongeschiktheid.

Dat is best een hoop geld, horen we je denken, zeker voor startende bedrijven. Dit geldt echter alleen voor bedrijven in verplichte sectoren met eigen pensioenfondsen. Denk hierbij aan bijvoorbeeld de retail- en metaalsector. Het pensioen voor de werknemers is voor deze bedrijven vaak geregeld in de cao’s. Ongeveer 30% van de bedrijven heeft geen verplichting tot het bieden van een pensioenregeling. Dit betekent dat de werkgever zelf kan kiezen of en wat voor soort pensioenregeling wordt opzet.

Dit zijn de bedrijven waar Brand New Day de pensioenen voor mag regelen. Deze bedrijven kiezen negen van de tien keer voor een flexibele en betaalbare beschikbare premieregeling. Dit is een zeer kosten efficiënte vorm waarbij elke werknemer zijn eigen pensioenpot krijgt en zelf invulling geeft aan het pensioen. De financiële risico’s van overlijden voor nabestaanden en arbeidsongeschiktheid dek je hier ook mee af.

Conclusie: Pensioen hoeft zeker niet duur te zijn. Zeker niet op de manier hoe Brand New Day het aanpakt. Als werkgever bepaal je zelf hoeveel je inlegt voor je werknemers.

2. “Investeren in vastgoed levert meer op”

Geen gek idee. Met name in de Randstad zijn de huizenprijzen de afgelopen jaren flink gestegen. Ook op de huurprijs kan je goed vangen als huizenbezitter. Wie op het juiste moment had geïnvesteerd in een (tweede) huis heeft waarschijnlijk een mooi rendement geboekt, zo blijkt uit onderzoek van Business Insider. Toch haalt dit het in veel gevallen niet bij het rendement wat de laatste jaren met aandelen is gerealiseerd.

De wereldwijde aandelen zijn sinds 1995 met bijna 500% gestegen
Tussen 1995 en 2018 zijn wereldwijde aandelen (MSCI World) met 244% gestegen. Wie het dividend had herbelegd kon zelfs een rendement tegemoet zien van 488% (Bloomberg). Een gemiddelde Nederlandse woning werd ‘slechts’ 184% meer waard (CBS Prijsindex koopwoningen). Echter, wie een tweede woning had, had deze ook kunnen verhuren om extra inkomsten te genereren.

In dit artikel rekent Business Insider uit dat je in het geval van een woning van €200.000 al gauw €1.100 netto huuropbrengst per maand moet realiseren om bij het rendement van aandelen in de buurt te komen. Bovenop deze huurprijs moeten nog opslagen worden gedaan als onderhoud, belastingen, eventuele leegstand, eenmalige aankoopkosten en mogelijke rentelasten indien het pand (deels) gefinancierd is. Daarbij kent pensioenbeleggen een fors belastingvoordeel vanwege de uitgestelde inkomstenbelasting.

Conclusie: gemiddeld gezien hebben de rendementen op aandelen de rendementen op verhuurd vastgoed in de afgelopen 20 jaar overtroffen. Bovendien liep je heel wat belastingvoordeel mis.

3. “Zelf beleggen levert mijn werknemers meer op”

De meeste PPI’s beleggen het geld in fondsen met een hoge spreiding. Hierbij profiteer je van schaalvoordelen die je als particulier niet hebt. Daarbij belegt Brand New Day alleen in zogenaamde indexfondsen. Dit doen wij passief, met een enorme spreiding en zo laag mogelijke kosten. Deze fondsen zijn in tegenstelling tot de meeste particuliere fondsen ook nog eens dividend efficiënt. Wat circa 0,5% extra rendement oplevert door het herbeleggen van de dividendbelasting. Weten hoe dit werkt? Lees hier verder..

De helft minder inkomstenbelasting
Toch zit het voornaamste voordeel in de belastingsfeer. Pensioen wordt namelijk ingelegd vanuit het bruto salaris van de werknemers. Alle pensioenpremies worden dus belegd zonder inkomstenbelasting te betalen. De uitkering op pensioendatum is wel belast, maar tegen een fors lager tarief. Een gepensioneerde met een modaal inkomen betaalt ongeveer de helft (!) van de inkomstenbelasting ten opzichte van iemand die de pensioenleeftijd nog niet heeft bereikt.

Conclusie: zelf beleggen is meestal duurder, risicovoller en zonder belastingvoordeel.

4. “Mijn werknemers kunnen het prima zelf regelen”

Werknemers kunnen inderdaad best zelf hun pensioen regelen. Ze openen dan een lijfrenterekening, het geld wordt belegd en de gestorte premie is fiscaal aftrekbaar. Klinkt goed, toch? Helaas niet altijd.

Het probleem is dat de meeste werknemers niets regelen. Als ze dat al doen is het vaak al veel te laat. Vraag maar eens na in jouw bedrijf. Structureel geld opzij zetten voor later en op een verantwoorde manier beleggen, vergt erg veel discipline. Daarbij ‘sparen’ veel werknemers in plaats van dat zij beleggen. De huidige rente is fors lager dan de inflatie waardoor de werknemer er per saldo zelfs op achteruit gaat. Ook benutten veel werknemers hun belastingvoordeel (jaarruimte) niet. Ook essentiële onderdelen van een pensioenregeling, zoals dekking bij overlijden en arbeidsongeschiktheid, zijn vaak niet eenvoudig als individu te regelen en daarnaast ook kostbaar.

Vroeg beginnen is noodzakelijk

Toch is pensioen opbouwen op jonge leeftijd cruciaal. Zo bouwt een 25 jarige werknemer in de eerste 10 jaar van de carrière de helft van het totale pensioen op. *

Bij een pensioenregeling of -faciliteit vanuit de werkgever, zoals de groeiregeling, zorg je ervoor dat niet elke werknemer zelf het wiel hoeft uit te vinden, en toch de flexibiliteit behoudt. Ook kan de werkgever voor extra modules zorgen die de werknemer en nabestaanden beschermen bij arbeidsongeschiktheid of overlijden. Tot slot: als werknemers zelf hun pensioen moeten regelen betaal je hier als werkgever 18% sociale werkgeverslasten over. Als werkgever kan er bij een pensioenregeling dus ook een deel van de premie terugverdiend worden.

Conclusie: Werknemers kunnen hun pensioen best zelf regelen, maar doen dit vaak niet, te laat of verkeerd. Als werkgever betaal je bovendien onnodig sociale premies.

* Premie wordt belegd in een neutraal risico profiel gerekend met door de AFM opgestelde historische rendementen

5. “Pensioen is niet flexibel voor mij en mijn werknemers”

Pensioen is een arbeidsvoorwaarde vanuit de werkgever. Je kan een pensioenregeling oversluiten, maar inderdaad, je kan er niet zomaar mee stoppen zonder de werknemers te compenseren of overeenstemming te bereiken. Net als bij (extra) salaris en andere arbeidsvoorwaarden.

Flexibele pensioenregelingen, ze bestaan

Echter zijn er, zoals hierboven genoemd, ook pensioenfaciliteiten. De werkgeversbijdrage is dan vaak beperkt. Iedere werknemer is dan zelf verantwoordelijk en kan zijn of haar eigen pensioen persoonlijk invullen. Door bijvoorbeeld bij te sparen vanuit het brutoloon. Zowel de werkgever als de werknemer heeft hierover dus een belastingvoordeel. Daarbij kan de werknemer ook zelf zijn of haar beleggingsprofiel wijzigen, een waardeoverdracht doen of later doorbeleggen. De werknemer heeft op een flexibele manier zelf inzicht en invloed op het pensioenvermogen.

Conclusie: pensioen is ook zeker interessant voor werkgevers en werknemers die flexibiliteit willen

Genoeg reden om…

Pensioen, moet je daar als werkgever niet eens aan beginnen? Wij hebben alvast 5 redenen voor je genoemd om niet aan pensioen te doen. Bedenk jij dan redenen om het wél te doen? Wij, of een onafhankelijk adviseur, helpen je daar graag bij. Meer informatie? Download de whitepaper.